de laatste momenten van een gematigd man

Wanneer het water met bakken uit de hemelen neder begint te dalen, loop ik krijsend te masturberen op de Korenmarkt.

Omdat partyen mijn hoofdbezigheid is – getuige al mijn foto’s op Allnighters.net – en de uitkering van het OCMW meer is dan ik nodig heb, besteed ik veel geld aan cocaïne en alcohol. Zo slaag ik erin om mij dagelijks murw te snuiven en tegelijk het leven van brave blanken ondraaglijk te maken.

Stijf van de coke, bloedgeil en doorweekt stap ik de Manteca binnen en plof me woest neer op de kruk naast de enige andere klant in de zaak. Het is al laat maar de klok heeft nog geen middernacht geslagen.

Om het schuim van mijn lippen te spoelen en mijn kaakspieren te versoepelen, bestel ik een dubbele gin-tonic: ‘Gordon’s is prima’, roep ik. ‘Met die snobistische zeik van Hendrick’s en Monkey 47 moogt ge uzelf anaal penetreren.’ De lafhartige barman houdt het hoofd koel en prepareert mijn longdrink.

De man naast mij nipt van zijn Twinings kamillethee, zet het glas terug op de toog en knikt vriendelijk naar mij. Zou hij homoseksueel zijn? vraag ik me af. Omdat ik dodelijk geil ben en zo homofoob als de nacht, weet ik niet goed of ik alle tanden uit zijn bek wil slaan of mij door hem wil laten pijpen. Een combinatie van de twee is natuurlijk ook altijd mogelijk.

‘Vannacht nog maak ik je af’, fluister ik hem noodgedwongen toe.

Hij heeft me goed gehoord en knikt nogmaals, dit keer ter bevestiging: ‘Goed, maar mag ik dan eerst mijn hart uitstorten?’

‘Ga je gang, lafaard’, snauw ik. ‘De brandstapel die ik speciaal voor jou onder de Stadshal heb klaargemaakt, kan nog wel even wachten.’

De man drinkt de rest van zijn thee in één teug leeg, bestelt zich een pint en steekt van wal.

‘De laatste tijd heb ik het nogal moeilijk. Een deel van mijn vrienden is getrouwd en heeft kinderen gekregen. Hun leven bestaat nu uit zogen, afkolven en geen seks hebben. Het ander deel is alleenstaand en kinderloos. Zij zuipen en snuiven zich te pletter en daarna pijpen zij zich een kaakbreuk omdat etterende builen op hun scrota penetratieve seks verhinderen.’

‘En jij, klootzak?’ vraag ik hem. ‘Sta jij boven dat alles?’

‘Hoegenaamd niet!’ De man heeft geen idee hoezeer ik het woord ‘hoegenaamd’ haat.

‘Omdat ik nergens lijk toe te behoren, voel ik me eenzaam en verloren’, gaat hij verder. ‘Mijn hele leven heb ik de gematigdheid en neutraliteit opgezocht. Zelfs mijn werk bestaat eruit om de mensen te leren zichzelf te beheersen.’

‘Niets is zo laf en verwerpelijk als matiging en zelfbeheersing, smeerlap’, snauw ik hem toe. De neiging om zijn bril af te nemen en beide ogen uit te lepelen kan ik net onderdrukken. ‘Het is daarom dat jij vannacht op afgrijselijke wijze aan je einde zal komen.’

‘Ook daartegen zal ik me niet verzetten’, reageert de gematigd man. ‘Maar kan je mij op zijn minst vertellen wat ik dan had moeten doen?’

‘Je had je vrienden met kinderen moeten wurgen met de navelstrengen van hun bloedeigen boorlingen.’

‘Jij bent wijs en moedig. Had ik je maar eerder ontmoet. Nu komt je advies te laat: door het raam kan ik de mensen al zien groeperen rond de speciaal voor mij bereide brandstapel onder de Gentse Stadshal.’

‘Daar heb je gelijk in, gematigde etter. Je doodsstrijd zal vannacht gepaard gaan met uitzinnig gejoel van een schuimbekkende horde die je – net als jouw God – zowel in goede als in slechte tijden de rug heeft toegekeerd.’

‘Niet alleen mijn vrienden heb ik steevast respectvol en heus trachten te behandelen’, ging de laffe hond verder. ‘Maar ook wie mij minder goed genegen was. Zachtaardig en beheerst zijn mijn ex-vrouw en ik uit elkaar gegaan, en ik heb mijn huidig lief op gematigde wijze trachten te beminnen. Het gevolg is dat een alleenstaande vriend van mij nu doet alsof wij nooit vrienden waren zodat hij met een gerust geweten mijn ex-vrouw kan penetreren.’

Homoseksueel? Misschien, maar toch met een vrouw getrouwd geweest.

‘Een ander gevolg is dat mijn huidig lief zich terecht afvraagt of ik wel van haar hou. Met het nemen van beslissingen en mij verbinden heb ik het immers altijd moeilijk gehad.’

Het onophoudelijk gejeremieer van deze ellendeling maakt me langzamerhand razend. Nadat ik de rest van mijn dubbele gin-tonic opdrink met een grote slok, bestel ik snel een tweede. ‘Doe maar Hendrick’s deze keer’, schreeuw ik de barman met het waterhoofd toe. ‘En vergeet het klote komkommertje niet.’

Daarna richt ik me opnieuw tot de zaadloze eenzaat: ‘Je had ze allen moeten doen lijden.’

‘Hoe?’

‘Je had bloed moeten laten vloeien. Je had het geslacht van je ex met een roestig mes moeten uitsnijden en hem rauw in het keelgat van die hypocriet rammen. Je had je lief levend moeten villen en haar karkas ondersteboven aan de gevel van de Vooruit nagelen. Je had dat kutgedicht van Stefan Hertmans met haar bloed moeten overschilderen en haar huid als een mantel moeten dragen. Tegen de koude, tegen de regen. Je had haar je ogen moeten schenken zodat zij ze als oorbellen kon dragen.’

‘Is het nu allemaal te laat?’

‘Veel te laat, gematigd man. Kijk eens uit het raam: je vader staat al klaar met zijn toorts aan de brandstapel.’

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s